Veel vluchtelingen slachtoffer van geweld
donderdag, februari 28th, 2008Door het ICRH is een agenda ontwikkeld die vluchtelingen en asielzoekers meer kennis moet geven over hun rechten in Nederland en Belgie.




Demograaf Philippe Fargues heeft ontdekt dat migranten die wonen in rijke landen niet alleen geld overmaken maar hun familie in het land van herkomst, maar ook heersende ideeën over onderwijs en familieplanning die gelden in hun nieuwe land. Dit meldt het tijdschrift Ode.
Uit onderzoek van Fargues, directeur van het Euro-Mediterranean Consortium for Applied Research on International Migration (CARIM), blijkt dat het geboortecijfer in landen waarvandaan migranten met name naar Europa vertrekken – zoals Turkije, Marokko en Tunesië – sterk terugvalt in de periode dat de overboekingen omhoogschieten. Landen waarvandaan migranten met name naar de conservatieve Perzische Golf vertrekken – zoals Egypte en Jordanië – laten een minder sterke daling of zelfs een stijging van het geboortecijfer zien. Fargues concludeert dat migranten de dominante Europese opvattingen over late huwelijken en onderwijs voor meisjes doorgeven.
De film van PVV-fractieleider Geert Wilders houdt de gemoederen al geruime tijd bezig. Terwijl de film pas volgende maand zal verschijnen.
Begin dit jaar werd bekend dat het kabinet ernstig rekening houdt met ongeregeldheden na de film, zowel in Nederland als elders in de wereld. De burgemeesters van alle Nederlandse gemeenten hebben van minister Ter Horst in november 2007 een brief ontvangen waarin aan de lokale overheid gevraagd wordt “extra alert” te zijn op maatschappelijke onrust. Nederlandse vertegenwoordigingen in het buitenland zijn op de hoogte gesteld over hoe te handelen in gevallen van onlusten.
De film van Wilders komt naar alle waarschijnlijkheid in maart op het internet. De titel ervan is ‘Fitna’. De fractieleider zegt zelf over de film: “De islam is de meest recente beproeving voor de westerse democratieën, na die van het nazisme en het communisme. Ik wilde per se een term die in de Koran voorkomt.De islam en de Koran zijn mijn beproeving. Voor mij is de verderfelijke islam fitna.”
GroenLinks kamerlid Tofik Dibi werkt aan een tegen-film. Dibi noemt Wilders een gefrustreerde man. “Dat zie je aan hem. Hoe dat komt? Misschien dat hij vroeger gepest is door kut-Marokkaantjes. Volgens mij zijn alle leden van de Partij voor de Vrijheid gepest in hun jeugd.”
De Volkskrant meldt dat ook de KRO plannen heeft om een film te maken die beeld en geluid tegen de film van Wilders moet zijn. De KRO zelf zegt echter dat er nog niets concreet besloten is. “Wij maken geen anti-Wilders film. Natuurlijk wordt bij ons gesproken over de mogelijke film van Geert Wilders. Onze journalisten hebben 100 ideeën hoe hier mee om te gaan. Het is nog onduidelijk of en wanneer wij mogelijk iets gaan doen,” zegt Peter de Kok, hoofd Marketing & Communicatie van de KRO.
Televisiemakers Ersin Kiris (moslim) en Vincent van der Lem (atheïst) hebben al een tegengeluid gemaakt. Op de website van Multiculturele Televisie Nederland is ‘De Tegenfilm’ te zien, waarin de filmmakers op zoek gaan naar “de grenzen van vrijheid van meningsuiting” en waarin ze “Wilders van repliek dienen met zijn eigen wapens”. In het televisieprogramma ‘De wereld draait door’ spraken de makers over hun film.
Rik Coolsaet, hoogleraar en adviseur van de Europese Commissie, vindt dat het debat over radicalisering van islamitische jongeren in Nederland verkeerd wordt gevoerd. “Nederland voert een religieus debat,” zegt Coolsaet in NRC Handelsblad. “Daardoor raakt het debat vertroebeld en wordt de kern van het probleem, de radicalisering, niet onderkend.” De Vlaamse hoogleraar zegt dat Nederland een voorbeeld kan nemen aan België. Daar spreekt men nauwelijks over ‘moslimterrorisme’, maar over ‘jihadistische terreur’. “Wij in België kijken eerder naar iemands sociale omgeving dan naar zijn geloof,” zegt Coolsaet.
Was Nederland voor 2001 extreem tolerant, nu schiet het land door naar de andere kant, aldus de hoogleraar. België heeft een langere ervaring met jihadisten en reageerde daarom relatief rustig.
Europa heeft volgens Coolsaet ‘dubbele pech’. “Terwijl moslims overal ter wereld radicaliseren, heeft Europa ook nog eens te maken met problemen die voortvloeien uit migratie. Migranten uit de tweede en derde generatie zijn door hun hogere opleiding gevoeliger voor racisme en uitsluiting dan hun ouders. Als dat gecombineerd wordt met discriminatie, werkloosheid, schooluitval en slechte huisvesting vormt het een ideale basis voor radicalisering.”
Miljardair Richard Branson bepleit de instelling van een ‘war room’ die zich bezig gaat houden met klimaatverandering. Vergelijkbaar met de uit films bekende ‘war room’, waarin de leider van een land zich met de militaire top buigt over de ontwikkelingen in de oorlog, moet de internationale milieu ‘war room’ ideeën en oplossingen leveren voor de gevolgen van de klimaatverandering. Branson vindt dat de instelling onafhankelijk moet zijn, maar in de toekomst nauw moet gaan samenwerken met de Verenigde Naties om de bedachte maatregelen uit te voeren.
De afgelopen tijd berichtten media over de uitkomsten van twee wetenschappelijke studies: het gebruik van biobrandstoffen vermindert de opwarming van de aarde niet, maar versterkt juist het broeikaseffect.
Johan Wempe, voorzitter van de energietransitie werkgroep Groen Gas en lector Governance aan de Saxion Hogescholen, noemt de kritiek op het gebruik van biobrandstoffen ongenuanceerd. Het speelt volgens hem de kernenergie- en kolenlobby in de kaart. “Beide artikelen steunen op het verdringingsargument,”schrijft Wempe op de website van Duurzaam Nieuws. “Grootschalige productie van biobrandstoffen vergt de teelt van energiegewas, zoals maïs, koolzaad, suikerriet en soja. Het gebruik van landbouwgrond voor energiegewas leidt er toe dat elders grond ontgonnen moet worden om die voor landbouw geschikt te maken. Het ontginnen van die grond zal er toe leiden dat de bovengrondse vegetatie en de organische stoffen in de bodem verbrand worden of vergaan. Daarbij komt zoveel CO2 vrij dat het broeikaseffect per saldo fors versterkt wordt. In feite maken de auteurs zich schuldig aan de drogreden van de stroman. Ze pikken er één extreem verband uit en berekenen daarbij de gevolgen voor de totale CO2-emissie. In die gevallen waar het maken van biobrandstoffen tot het kappen en verbranden van oerwoud leidt of het omploegen van de prairie en het versneld vrijkomen van de hierin opgeslagen CO2 hebben de auteurs gelijk. In heel veel situaties is hiervan echter geen sprake. Met name de rol van het vergisten of vergassen van organische reststoffen tot Groen Gas wordt over het hoofd gezien.”
Groen Gas maakt gebruik van organische reststoffen uit landbouw, bosbouw, afval van de voedingsmiddelenindustrie, huishoudelijk afval en rioolzuiveringsslib. Daardoor vindt er volgens Wempe geen verdringing van voedselproduktie plaats. “In Europa is genoeg organisch restmateriaal om een groot deel van het Europese aardgasgebruik te vervangen door Groen Gas. De werkgroep Groen Gas heeft becijferd dat in 2020 10% van het Nederlandse aardgasgebruik vervangen kan worden door Groen Gas. Daarmee wordt een kwart van de CO2-reductie doelstelling van het kabinet gerealiseerd. In 2050 kan de inzet van Groen Gas zelfs oplopen tot de vervanging van de helft van ons aardgasgebruik,” schrijft Wempe. “Het pijnlijke van de negatieve aandacht voor alle vormen van gebruik van biomassa is dat de discussie nu gaat over de vraag welke energievorm het meest duurzaam is. De kolen- en kernenergielobby lachen in hun vuistje. De energiebehoefte stijgt wereldwijd. Wanneer biomassa in de ban gaat worden kolen en kernenergie onvermijdelijk. De kennisontwikkeling en innovatie moeten daarom gericht worden op het verbeteren van de energieopbrengst van de organische reststoffen en het volledig hergebruik van de hierin opgeslagen waarden.”
Op een bijeenkomst van de werkgeversorganisatie VNO-NCW Noord bepleitte minister Bert Koenders een grotere rol van ondernemers bij het realiseren van de Millenniumdoelen. In zijn toespraak noemde Koenders drie belangrijke uitdagingen waarvoor de wereld staat. Ten eerste ongelijke verdeling van veiligheid. Ten tweede ongelijke verdeling van welvaart. En ten derde ongelijke verdeling van milieugebruiksruimte (klimaatverandering). Deze uitdagingen vragen om nieuwe coalities en het stellen van scherpe keuzes. Het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking gaat daarvoor uit van vier prioriteiten. Koenders noemt als eerste fragiele staten, vervolgens economische groei en verdeling, daarna meer rechten en kansen voor vrouwen – en specifiek aandacht voor seksuele en reproductieve gezondheid en rechten, en tenslotte klimaat, duurzaamheid en energie.
De minister wil bij het werken aan deze prioriteiten nauw samenwerken met ondernemers. Versterken van het bedrijfsleven in ontwikkelingslanden ziet Koenders als belangrijk. Ook kan in zijn visie het bedrijfsleven een belangrijke rol spelen in het verwezenlijken van de Millenniumdoelen. Via publiek-private partnerschappen, het Schoklandfonds, The Currency Exchange, en via internationale organisaties.
Terwijl minister Bert Koenders door Afrika reist, publiceerde de Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie een rapport waarin stevige kritiek wordt gegeven op de Nederlandse hulp aan Afrika. Het rapport telt 600 pagina’s en beschrijft het Afrikabeleid tussen 1998 en 2006.
De interne dienst van het ministerie heeft een flink aantal instrumenten van de Nederlandse hulp aan Afrika onder de loep genomen. De rechtstreekse hulp bedroeg in de onderzochte periode bijna zes miljard euro. Daarnaast wordt nog veel Nederlands geld voor Afrika gedoneerd via internationale instellingen.
Het rapport is vooral kritisch over de algemene begrotingssteun aan Afrikaanse landen. Deze vorm van ontwikkelingshulp wint terrein. Het idee achter deze vorm van hulp is dat ontwikkelingslanden onder bepaalde voorwaarden het geld zelf mogen besteden. Dit vergroot de eigen verantwoordelijkheid en voorkomt dat landen te afhankelijk worden van de hulpverstrekker. Maar volgens de inspectie zijn het doel en de criteria te vaag, waardoor het geld toch niet goed terechtkomt of bij omstreden regimes belandt. Van de directe Nederlandse hulp was bijna 800 miljoen bestemd voor begrotingssteun aan negen Afrikaanse landen.
English summary in The Broker.
Het gebruik van biobrandstoffen vermindert het broeikaseffect niet, maar leidt juist tot versterking van de opwarming van de aarde. Dat schrijven twee groepen onderzoekers uit de Verenigde Staten in Science Express. De Engelse krant The Independent en NRC Handelsblad doen verslag van beide onderzoeken.
Voor biobrandstoffen is grootschalige teelt van mais, koolzaad, soja en suikerriet noodzakelijk. De verbouw van deze gewassen betekent een grootschalige aanslag op traditionele landbouwgronden. Ter compensatie zullen natuurgebieden worden ontgonnen: regenwouden, savannen en natuurlijke graslanden. Door het gebruik van deze waardevolle natuurgebieden zal de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer toenemen en groter zijn dan de besparing die biobrandstoffen opleveren. The Independent spreekt van “een van de grootste fraudezaken op milieugebied”
Uit de wetenschappelijke studies blijkt dat bijvoorbeeld in Indonesie turfgronden worden klaargemaakt voor palmolie-plantages. Volgens de onderzoekers zal het hierdoor 432 jaar duren voordat de CO2-uitstoot weer in balans zal zijn. Regenwouden in het Amazonegebied worden ontgonnen voor sojaplantages. Het zal 319 jaar duren voordat, door de produktie van biobrandstof uit soja, de uitstoot van CO2 (die door de kap van de bossen fors is toegenomen) is compenseerd.
Rowan Williams, de aartsbisschop van Canterbury en de hoogste geestelijke in de Anglicaanse kerk, heeft voor de BBC verklaard dat Groot-Brittannië onderdelen van de Sharia moet toestaan in eigen land. “De invoering van sommige delen van de Sharia zijn onvermijdelijk,” zei Williams voor de BBC-radio. “Dit zou goed zijn voor de sociale cohesie van ons land.” Overigens stelt Williams dat de onmenselijke bepalingen in de islamitische wetgeving, zoals het achterstellen van vrouwen en het afhakken van handen, nooit mogen worden getolereerd.
De uitlatingen van Williams hebben tot veel, vooral, negatieve reacties geleid. De Engelse regering neemt afstand van het idee. “Het zal leiden tot sociale chaos… Engelse wetten moeten op Engelse waarden gebaseerd zijn.” Trevor Phillips, voorzitter van de Engelse commissie voor gelijkheid en mensenrechten noemt het idee van Williams “gevaarlijk en leidt tot verdeeldheid”. Ook vanuit moslimkringen zijn de reacties kritisch. Shaista Gohir, directeur van Moslim Voice UK, zegt dat de meerderheid van de moslims de invoering van de Sharia in Groot-Brittannië afwijst. Ibrahim Mogra van de Moslim Council noemt de uitlatingen van de aartsbisschop echter interessant. “Het is een complexe materie, waarover we verder moeten discussiëren”.