Archief voor april, 2010

Nieuwe media machtig middel voor mensenrechten

dinsdag, april 20th, 2010

Sociale netwerken als Facebook en Twitter kunnen een machtig middel zijn in de strijd voor de mensenrechten. Dit zei minister Verhagen vandaag bij de opening van een internationale conferentie van mensenrechtenverdedigers in Den Haag.

Hij roept op tot massale inzet van nieuwe media voor positieve verandering in landen met onderdrukkende regimes.

‘Hoe meer mensen weten over schending van mensenrechten, des te moeilijker wordt het voor regeringen om mensen te onderdrukken,’ aldus minister Verhagen (Buitenlandse Zaken).

Minister Verhagen nam het initiatief voor de de tweedaagse conferentie Human Rights & New Media om mensenrechtenverdedigers kennis en vaardigheden over nieuwe media bij te brengen die hen helpen in hun werk. De conferentie past in het beleid van de Nederlandse regering vrijheid van meningsuiting en mediadiversiteit te bevorderen.

‘We weten dat sommige regeringen er niet happig op zijn hun burgers vrije toegang tot kennis en informatie te gunnen,’ zei minister Verhagen. ‘Maar het recht op vrije meningsuiting is ook het recht in om via nieuwe media informatie te vergaren en meningen te verspreiden.’ Hij voorspelde dat zulke regeringen uiteindelijk de slag zullen verliezen.

YouTube voorvertoningsafbeelding

Omdat het vliegverkeer boven Europa stil ligt, kon ongeveer de helft van de deelnemers aan conferentie niet op tijd bereiken. Dankzij het gebruik van skype, live videostreaming, en het online discussieforum kunnen ze toch deelnemen aan de workshops en discussies.

Op de conferentie krijgen de mensenrechtenverdedigers adviezen, tips en trucs van een groot aantal experts. Er zijn zestien workshops over moderne hulpmiddelen voor het verzamelen van gegevens over mensenrechtenschendingen, het gebruik van internet voor het vertrouwelijk uitwisselen van privé-informatie en over YouTube, Facebook en Twitter.

Biologisch down, fair trade up in Verenigd Koninkrijk

donderdag, april 15th, 2010

De verkoop van biologische produkten is in 2009 in het Verenigd Koninkrijk met 13 procent gedaald, meldt de Ecologist. Na een jaarlijkse groei de afgelopen vijftien jaar daalde vooral de verkoop van biologisch brood (-39%), diepvriesprodukten (-21%) en gevogelte (-28%).

De verkoop van fair trade-produkten daarentegen groeide vorig jaar met 12 procent. Volgens de Britse Fair Trade Foundation werd er voor meer dan £800 miljoen aan fair trade-produkten verkocht.

Verder groeide de verkoop van organische gezondheids- en schoonheids-produkten in 2009 met een derde tot een totale waarde van £36 miljoen. Textiel – goed voor £100 miljoen – bleef gelijk.

Oranje fair trade WK-armband

donderdag, april 15th, 2010

Minister Verhagen van Buitenlandse Zaken heeft op 14 april het eerste oranje WK-armbandje in ontvangst genomen. Verhagen kreeg het uit handen van initiatiefneemster Dieuwertje Damen en een vertegenwoordiger van de Zuid-Afrikaanse ambassade. Het armbandje wordt in opdracht van het Nederlandse fair trade bedrijf Rainbow Collection gemaakt door vrouwen in de Zuid-Afrikaanse provincie KwaZulu Natal.

“Ik hoop dat Zuid-Afrika deze zomer oranje kleurt en dat het in alle opzichten een feestelijk wereldkampioenschap wordt,” zei minister Verhagen. “Niet alleen voor onze supporters, maar vooral ook voor de mensen in Zuid-Afrika.”

Allianties van ontwikkelingsorganisaties

donderdag, april 1st, 2010

Twintig allianties van ontwikkelingsorganisaties zijn door het ministerie van Buitenlandse Zaken uitgenodigd om een uitgebreid voorstel in te dienen voor de tweede fase van het nieuwe medefinancieringsstelsel (MFS II). Er wordt uiterlijk 1 november een definitief besluit genomen over de subsidieaanvragen, waarvoor de komende vijf jaar een bedrag van 2,125 miljard is gereserveerd op de begroting van Ontwikkelingssamenwerking. Dat heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken vandaag bekend gemaakt.
De huidige subsidieregeling (MFS I), die eind 2010 afloopt, is door voormalig minister voor Ontwikkelingssamenwerking, Bert Koenders, vernieuwd om de samenwerking tussen ontwikkelingsorganisaties te bevorderen en de effectiviteit van de hulpinspanningen te vergroten. De doelstelling is om het maatschappelijk middenveld in ontwikkelingslanden te versterken en op die wijze een bijdrage te leveren aan het bestrijden van armoede. Er zijn in december vorig jaar 43 aanvragen ingediend voor een bedrag van 3,7 miljard. 23 aanvragers hebben een brief gehad van het ministerie van Buitenlandse Zaken, waarin staat dat hun subsidieaanvraag is afgewezen. In de twintig overgebleven allianties werken 74 organisaties samen. Zij hebben voor een bedrag van 2,8 miljard subsidie aangevraagd. Alle aanvragen zijn allereerst getoetst op drempelcriteria, zoals bijvoorbeeld de eis dat wordt samengewerkt met maatschappelijke organisaties in ontwikkelingslanden en de eis dat 25% van de jaarlijkse inkomsten van de aanvrager afkomstig moet zijn uit andere bronnen dan die van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Daarnaast mogen medewerkers van Nederlandse ontwikkelingsorganisaties niet meer verdienen dan een directeur-generaal bij de Rijksoverheid. Daarna zijn er drie toetsen uitgevoerd ten aanzien van de subsidieaanvraag, waarbij de kwaliteit van de aanvraag voorop stond. Bij de organisatietoets werd gekeken naar de kwaliteit van beheer en beleid. Daarnaast was er een alliantietoets, waarbij een oordeel werd gevormd over de capaciteit en meerwaarde van de allianties en een voorsteltoets, waarbij gekeken werd naar de kwaliteit van het beknopte programmavoorstel. Aanvragen die zijn afgevallen voldoen niet aan één of meerdere drempelcriteria, of haalden onvoldoende punten op de organisatie- en/of voorsteltoets. De beoordeling is uitgevoerd door ambtenaren van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Een externe adviescommissie, bestaande uit drs. W.J. Deetman (voorzitter), drs. P. Zevenbergen en prof. dr. A. de Ruijter, heeft vervolgens gekeken naar de beoordelingsprocedure. Het oordeel van de commissie luidt dat de beoordeling zorgvuldig, consistent en objectief is uitgevoerd. De volgende organisaties zijn, als penvoerder van een alliantie, uitgenodigd om een uitgebreid voorstel in te dienen voor beoordeling in de tweede fase:

Both Ends (Fair Green and Global Alliance)
Connect International (Water, Energy and Food alliance – WEFA)
Cordaid (Samen voor Verandering-Communities of Change)
Free Voice (Press Freedom 2.0)
HIVOS (HIVOS-alliantie)
ICCO ( ICCO Alliance)
IICD (Connect4change)
IKV-Pax Christi (Freedom from fear)
International Child Support (Together4Change)
Medisch Comité Nederland-Vietnam (Transition in the East Alliance)
Nederlandse Rode Kruis (Disaster Risk Reduction and Climate Change Adaptation DRR/CCA Alliance)
OXFAM/Novib (IMPACT)
PLAN Nederland (Child Rights Alliance)
Simavi (WASH Alliance)
SPARK (United Entrepreneurship Coalition)
Terre des Hommes (Kind en Ontwikkeling)
War Child (Conn@ct Now)
Woord en Daad (Woord en Daad – Red een Kind Alliance)
World Population Fund (SRHR Alliance)
ZOA Vluchtelingenzorg (Dutch Consortium for Rehabilitation)

Het uitgebreide programmavoorstel dient uiterlijk 1 juli 2010 worden ingediend. De tweede fase bestaat uit de beoordeling van dit voorstel door middel van een programmatoets. Op de website van het ministerie www.minbuza.nl/mfs staan meer gegevens hierover.
Momenteel ontvangen 106 Nederlandse ontwikkelingsorganisaties subsidie via het huidige medefinancieringsstelsel (MFS I, 2007-2010) en de thematische medefinanciering (TMF, 2006-2010).

Versluierde pijn: de psychische gevolgen van vrouwenbesnijdenis

donderdag, april 1st, 2010

Versluierde pijn is een boek over een onderzoek naar de psychische gevolgen van besnijdenis bij vrouwen.

“Soms droom ik erover, dan ben ik echt boos en heb ik trillingen”, zo zegt een van de 66 geļnterviewde besneden vrouwen in het boek Versluierde pijn. Interviewers uit de eigen gemeenschap spraken voor dit boek met deze meestal goed opgeleide vrouwen uit Somaliė, Soedan, Sierra Leone, Eritrea en Ethiopiė.

Slechts 5 van de 66 vrouwen geven aan trots te zijn op hun besnijdenis. Bijna alle geļnterviewde vrouwen vertellen dat ze zich schamen bijvoorbeeld bij de dokter, tijdens het zwemmen of als iemand die niet besneden is ernaar vraagt. De meesten hebben er last van (bij vrijen, zwangerschap) en melden nare herinneringen aan de besnijdenis.

De meeste vrouwen beseften pas na aankomst in Nederland dat besnijdenis geen religieus voorschrift is, maar cultureel gebruik. Vrouwen voelden zich bedrogen en zijn boos, vaak op hun mannen, vanwege de pijn die ze hebben bij gemeenschap. Opvallend is dat Somalische vrouwen die boosheid jegens hun echtgenoten niet hebben. De Ethiopische en Somalische vrouwen laten zich slechts kort over die boosheid uit, de vrouwen uit Soedan uiten zich daar veel meer over. De andere vrouwen zitten daar tussenin.

Op 1 na zeggen alle vrouwen dat ze hun dochter niet zullen besnijden.
Een van de belangrijkste conclusies uit het onderzoek luidt dat besnijdenis samenhangt met psychische klachten, maar niet per definitie. Dit hangt af van onder meer de mate van besnijdenis, de partner, de positie in Nederland.

Bron: Pharos