Discussie over segregatie onderwijs
dinsdag, februari 8th, 2011Veel discussie over de uitlatingen van minister van Onderwijs Marja van Bijsterveldt over zwarte en witte scholen. In een interview met de Volkskrant zei ze het kabinet het bestaan van zwarte scholen gewoon accepteert. Het gaat haar om kwaliteit. In de reacties lijkt de klassieke tegenstelling tussen links en rechts weer terug te keren. Lijkt, want bijvoorbeeld de links-liberale De Groene Amsterdammer valt de minister bij. “Ze heeft gelijk. Het beleid kan er beter op gericht zijn te voorkomen dat er zwakke scholen ontstaan of voortbestaan, bevolkt door kansarme leerlingen. Of die nu wit of zwart zijn, en wonen in Amsterdam of Oost-Groningen, is van minder belang,” schrijft De Groene.
In een reactie op de plannen van het kabinet zeggen ouders die actief werken aan gemengde scholen zich in de steek gelaten te voelen door de minister. In de Volkskrant van 8 februari zeggen zij: “Het gaat niet alleen om kwaliteit, het gaat om ontmoeting.” Directeur Herman Willighagen van de Arentschool in Rotterdam: “Uiteraard gaat het in eerste instantie om kwaliteit. Maar vanuit pedagogisch oogpunt vinden wij het belangrijk dat leerlingen een school bezoeken die een afspiegeling van de wijk én van de hele samenleving vormt.”
Sjaak Mestrum, adjunct-directeur van De Boschakker in Eindhoven: “Na wat aanvankelijk argwaan aan beide zijden – Turkse en Marokkaanse ouders dachten dat die witte ouders de boel kwamen overnemen en blanke ouders vroegen of de school wel een kerstboom had – is de school nu een perfect voorbeeld van integratie. De hele sfeer is veranderd. Alle ouders zijn meer betrokken bij het onderwijs en in plaats van een 90-10-verdeling, is de school nu 50-50. Net als de wijk.”
Conclusie: het gaat bij het mengen niet zozeer om het opkrikken van het niveau. Het gaat om het maatschappelijke aspect.
Een jaar geleden schreef Anja Vink, freelance onderwijsjournalist, in NRC Handelsblad dat “De oorzaak voor het falen van zwarte scholen niet de kleur, het geloof, de taal of de cultuur van de leerlingen is, maar de achterstand en de armoede die dominant zijn op deze scholen.” Haar conclusie: “Het persoonlijke belang van de kinderen van ouders uit de middenklasse is dat zij op een school met leerlingen van alle kleuren en afkomst van jongs af aan leren om te gaan met verschillen. Een letterlijk broodnodige eigenschap om je staande te houden in een snel globaliserende samenleving die in hoog tempo kennis, armoede en mensen van verschillend pluimage rond pompt. Maar er is ook een simpel economisch eigenbelang: een land met een onderwijssysteem dat een grote groep leerlingen niet weet op te leiden voor een zogenoemde kennismaatschappij waar een groot tekort is aan goed gekwalificeerd personeel, snijdt zich lelijk in de eigen vingers.”
Pieter Hilhorst, politicoloog en columnist, gaat in de Volkskrant van 15 februari in op de voorstellen van Van Bijsterveldt. Zijn conclusie: “Het accepteren van segregatie heeft dus helemaal niks te maken met een zakelijke keuze voor kwaliteit. Van Bijsterveldt maakt een cynische keuze voor de weg van de minste weerstand. Een cynische keuze om tienduizenden allochtone en autochtone kansarme kinderen te veroordelen tot scholen waar ze niet de kans krijgen hun talenten ten volle te ontplooien. We moeten niet strijden tegen segregatie in het onderwijs omdat Noah en Graciano zon mooi plaatje vormen.
Zo romantisch is de gemengde school lang niet altijd (maar daarover een andere keer meer). Het is veel zakelijker. Juist omdat kwaliteit zo belangrijk is, moeten we segregatie bestrijden. Een goede school mag geen voorrecht worden voor blanke hoogopgeleide kinderen. Het moet een recht zijn voor alle kinderen.”













