Open brief aan Ab Klink
Dagblad De Pers publiceert een open brief, geschreven door “een moslima met een broodtrommeltje”:
Beste Ab Klink,
Vindt u het raar, dat ik u een brief schrijf? Bent u verbaasd? U bent een belangrijk man. Een minister is anders voor een gewone vrouw als ik niet gemakkelijk bereikbaar. Daarbij is brieven schrijven populair in uw partij. Lubbers een brief, Veerman een brief, ú een brief. Dan ik ook een brief – die gedachte schoot door mijn hoofd.U ziet, ik pas mij aan.
De belangrijkste aanleiding is natuurlijk dat u het over mij heeft gehad. Ik ben, als het geen ramadan is tenminste, een moslima met een broodtrommeltje. Zij het dat ik, anders dan de vrouw in uw brief, mijn inburgeringscursus al heb afgerond.
Het trof me dat u dit voorbeeld gebruikte want ik zie zelf niet zo veel Nederlanders van Turkse of Marokkaanse afkomst (en dat zijn de meeste moslims) met een broodtrommeltje. Dat is toch een heel Nederlands ding, geloof ik. Praktisch.
U noemde me om uit te leggen hoe u kwam tot de ‘definitieve conclusie dat een politieke samenwerking met de PVV geen begaanbare weg is’. (Ik citeer u goed, toch?) Dat zat hem niet in beleid, daar dacht u wel compromissen over te kunnen sluiten. Nee, de motieven van Wilders, die hij vol overtuiging zal blijven uitdragen, zijn voor u onverteerbaar. Waar u strenge inburgeringseisen wilt om mensen een kans te geven, wil Wilders daarmee immigratie remmen en islamisering bestrijden.
Of zoals u dat, mooier dan ik, kunt verwoorden: ‘De dieptelaag van de motieven doet ertoe in de politiek.’
‘Hoe’, vroeg u zich af, ‘voelt de moslima zich die op maandagochtend met haar broodtrommeltje naar de verplichte inburgeringscursus gaat?’
Deze redenering kan ik goed volgen, al ben ik een beetje verbaasd dat dit alles pas nu tot u doordringt. Dat Wilders zich tot taak heeft gesteld om de islamisering te stoppen, daar ben ik de afgelopen jaren in de media mee doodgegooid. Een dieptelaag kun je het haast niet noemen, zijn drijfveren liggen aan de oppervlakte. En had u niet zelf met hem afgesproken dat hij mocht blijven vinden wat hij vindt en zeggen wat hij zegt?
Maar vooruit, misschien had u de persoonlijke confrontatie met Wilders nodig voordat dit tot u doordrong. Ook ik denk van de verte wel eens dat een weg begaanbaar is terwijl die vol hobbels, kuilen en ondoorwaadbare modderpoelen blijkt wanneer ik daadwerkelijk aan mijn reis begin.
Alleen, waar ik mee worstel, is hoe u na die duidelijk dramatische dagen met uw fractie vroeg in de nacht kon zeggen dat u nu met een open mind het onderhandelingsresultaat gaat afwachten. U schijnt zich met uw partijgenoten te hebben geschaard achter een verklaring waarin staat dat deze verschillen met de PVV zwaarwegend, maar overbrugbaar zijn.
Hoezeer ik hier ook over nadenk, steeds kom ik tot de conclusie: als het de motieven van Wilders zijn die zo op uw gemoed werken, wat valt er dan te onderhandelen?
Hoe is dat te overbruggen?
Kunnen Maxime Verhagen en Ank Bijleveld, die uw plaats heeft ingenomen, de motieven van Geert Wilders eruit onderhandelen? Kunnen zij hem aan die ovalen tafel in het gebouw van de Eerste Kamer – boven droppot en bloemstuk – zo in de ogen kijken dat hij plots zijn strijd tegen de islam zal vergeten?
Ik weet dat u van vrome afkomst bent en zelf ben ik als gelovige van enige evangelisatie niet vies. Maar dit type bekeringen gaat mijn geloof in wonderen te boven.
Er schijnen allerlei tactische redenen te zijn waarom u doet wat u doet. Daarvan heb ik geen kaas gegeten. Maar er zijn dagen dat ik denk: natuurlijk, Nederlanders hebben problemen met immigratie, integratie, onveiligheid, misbruik van sociale voorzieningen en – ik ontken ze niet – de donkerder kanten van mijn geloof (u heeft daar zelf over gepubliceerd).
Maar is een deel van hun boosheid niet ook te verklaren doordat zij – ik zeg het met schroom – hun politieke leiders wantrouwen? Doordat zij die voor de camera’s het onverenigbare horen verenigen?
Zou het burgers niet ook rust geven wanneer politici in alle helderheid uitleggen wat zij nog voor hun rekening nemen, wat hen te ver gaat en waarom dat is?
Voelt u zich tot antwoorden niet verplicht. Ik merk nu – uw partijprominenten moeten dat gevoel ook gehad hebben – dat het schrijven van een brief op zich al verlichting geeft.
Met welgemeende groet (een mooie ondertekening, mag ik die van u overnemen?),
Een moslima met een broodtrommeltje








