VN-top mondiale economische crisis een succes?
Minister Koenders is enthousiast over de uitkomsten van de VN-top over de wereldwijde economische crisis. Hoogleraar Paul Rogers is kritisch over de top die van 24 tot 26 juni in New York werd gehouden.
De minister voor ontwikkelingssamenwerking: “Dit is de eerste keer dat alle landen van de wereld gezamenlijk maatregelen afspreken om de dramatische gevolgen van de crisis in ontwikkelingslanden te beperken. Vooral in arme landen zijn die gevolgen erg groot, terwijl zij niets met de oorzaak te maken hebben. Tijdens deze conferentie hebben zij hun stem kunnen laten horen. Dat vind ik een grote winst.”
De hoogleraar vredesstudies: “Van de westerse staten was geen enkel staatshoofd aanwezig, terwijl een meerderheid van de aanwezige topfunctionarissen afkomstig waren uit ontwikkelingslanden. Daarom kunnen er vraagtekens gezet worden bij de betrokkenheid van westerse landen bij het oplossen van de crisis.”
Koenders, speciale gezant van de conferentie en nauw betrokken bij de voorbereidingen, meldt dat afgesproken is dat de rijke landen hun bijdrage aan ontwikkelingssamenwerking niet mogen verlagen als gevolg van de financiėle crisis. Ook zijn er concrete afspraken gemaakt over de noodzaak van verbeterde markttoegang voor producten uit ontwikkelingslanden, het tegengaan van protectionisme, en het indammen van illegale geldtransacties. “Het eindresultaat is mede dankzij Nederland tot stand gekomen. Dit biedt ons de mogelijk om ook in het vervolgtraject een belangrijke rol te kunnen spelen, opnieuw als bruggenbouwer tussen de rijke en de arme landen”, aldus minister Koenders.
Paul Rogers, hoogleraar vredesstudies aan de Universiteit van Bradford (U.K.), schrijft op de website van OpenDemocracy dat er twee mondiale crises woeden: de voedselcrisis en de financiėle crisis. Het antwoord van de machtige landen is echter het inzetten op militaire veiligheid in plaats van duurzame veiligheid. Rogers wijst naar de almaar stijgende militaire uitgaven, ondanks de economische crisis. Voor het eerst in de geschiedenis lijden meer dan 1 miljard mensen honger. De uitgaven aan wapentuig steeg volgens het Zweedse onderzoekinstituut SIPRI in 2008 met 4 procent.
Als voorbeeld noemt Rogers de bouw van een enorm militair trainingcentrum in Jordaniė. Met steun van de Verenigde Staten bouwt de Jordaanse overheid voor bijna 100 miljoen dollar een complex waar legers van diverse landen kunnen oefenen in nieuwe vormen van oorlogvoeren, met nadruk op de bestrijding van terrorisme en stadsoorlog. “De bouw van dit enorme militaire complex, op hetzelfde moment dat de wereldgemeenschap zoekt naar manieren om de armoede in te dammen en de noden van armen te verlichten, is een van die vreemde toevalligheden die soms een onverwacht licht werpen op de kern van de mondiale problemen,” schrijft Rogers.








